Het lijkt voor velen het zoveelste politieke incident: de klachten aan het adres van Khadija Arib vanwege grensoverschrijdend gedrag, het niet melden aan de vermeende dader door voorzitter Vera Bergkamp en het niet inschakelen van een onafhankelijke vertrouwenspersoon.

Maar het is niet zomaar een casus. Het is tekenend voor hoe het gaat op veel werkvloeren in Nederland. Al zou je van onze volksvertegenwoordiging toch wel wat anders mogen verwachten……

Alleen topje van de ijsberg zichtbaar

Ongewenst gedrag op het werk wordt weinig gemeld bij een vertrouwenspersoon. Slechts 13% van de getroffenen doet dit en daarvan doet het overgrote deel van de slachtoffers niet eens een officiële melding. Er is dus totaal geen overzicht. Zo meldt onderzoeksbureau SKB, gespecialiseerd in psychosociale arbeidsbelasting. Zij komen daarom met cijfers van medewerkersonderzoeken uit 2016 t/m 2020 van 67.000 respondenten uit 230 organisaties.

Psychisch, lichamelijk en seksueel geweld

Ruim 1 op de 8 medewerkers maakt ongewenst gedrag op het werk mee: ongewenste seksuele aandacht, intimidatie, lichamelijk geweld, pesten en discriminatie. Bij vrouwen is dit zo’n 15% van het totaal en bij mannen zo’n 11%. Ongewenste seksuele aandacht komt onder vrouwen 4x zo vaak voor als onder mannen. Maar de mannen worden weer vaker geconfronteerd met lichamelijk geweld. Intimidatie (het onder druk zetten van werknemers) wordt het vaakst ervaren, zowel door mannen als door vrouwen. Qua pesten liggen de percentages eveneens gelijk.

Van een beetje stress tot PTSS

Bijna een kwart van de medewerkers die ongewenst gedrag heeft meegemaakt, ervaart minimaal 2 stressklachten, met name in de vorm van beelden/herinneringen, het moeten mijden van bepaalde plaatsen/taken/personen of schrikken bij gebeurtenissen die lijken op het incident. De helft van de slachtoffers geeft aan het plezier in het werk verloren te hebben en ruim 40% overweegt van werkomgeving te veranderen. Ongewenst en grensoverschrijdend gedrag zijn altijd in het nadeel van de organisatie. Ruim 1 op de 3 slachtoffers meldt minder goed gefunctioneerd te hebben en 1 op de 12 heeft hierdoor verzuimd van het werk.

Waar zit het loket?

Driekwart van de slachtoffers kon in principe bij iemand terecht met hun nare ervaringen. Uiteindelijk doet 27% het verhaal bij een leidinggevende en maar 13% vindt de weg naar een vertrouwenspersoon en daarvan doet dan ook nog maar een klein deel een officiële melding. Het aantal meldingen is daarom absoluut geen goede graadmeter voor de werkcultuur. Het overgrote deel van de incidenten wordt niet gemeld, ondanks de spreekwoordelijke ‘loketten’. Zo bleek ook uit zeer openbare kwesties bij o.a. The Voice en bij Ajax. Dit heeft alles te maken met de cultuur in de organisatie.

De vertrouwenspersoon werkt bij PZ (?!)

En het gebeurt overal. In de Tweede Kamer, op de Zuidas, bij de supermarkt en dus ook op de TV-vloer en bij wereldberoemde voetbalclubs. “Wie praat, gaat!” Zo vertelden politieagenten die geconfronteerd werden met pesten door collega’s, in de documentaire ‘De Blauwe Familie‘ van Meral Uslu.  In de praktijk komt het er namelijk vaak op neer dat de functie van ‘vertrouwenspersoon’ ingevuld wordt door iemand die in het bedrijf zelf werkzaam is. Uiteraard stapt een getroffene daar niet heen en al helemaal niet als zo’n persoon een leidinggevende functie heeft, lid is van de OR of werkt op de afdeling HR. Die zijn nimmer onafhankelijk en wekken al helemaal niet het vertrouwen op van een gepest, gekleineerd of aangerand personeelslid. Heel vaak is zo’n vertrouwenspersoon dan ook ‘leuk voor de bühne’ en staat het zo integer in de statuten.

De vertrouwenspersoon is ongeschoold

Maar omgekeerd werkt het eveneens niet. Er kan namelijk ook valse informatie worden doorgespeeld, omdat er nog steeds wordt gedacht ‘Waar rook is, is ook vuur!’ Op die manier worden mensen via een vertrouwenspersoon van binnen het bedrijf gewipt. Opnieuw een pleidooi voor onafhankelijkheid. Uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bleek tevens dat 73% van de vertrouwenspersonen daartoe geen opleiding heeft gevolgd. 

Slecht leiderschap is de bron van ellende

Als voornaamste reden van een sociaal onveilige werkomgeving wordt door medewerkers het vaakst genoemd: slecht leiderschap. Zo bleek uit CNV-onderzoek vorig jaar. Oudere werknemers geven dit nog vaker aan dan mensen aan het begin van hun carrière. Daarbij worden ook de machtsstructuur en de hoge werkdruk vaak aangehaald. Het sterk hiërarchische karakter in veel bedrijven en instellingen, de hoge competitieve en individualistische arbeidsmoraal van dit moment, het ontoereikend reageren op wantoestanden en het (al dan niet gedwongen) zwijgen van de slachtoffers, zijn de oorzaken die maken dat grensoverschrijding gemakkelijk kan ontstaan en doorgaan. En last but not least: managers kijken weg, doen niets met meldingen of zijn zelf medeschuldigen. Iedereen kent het verschijnsel van ‘Likken naar boven en trappen naar onderen’. Alleen een heel sterke en scherpe leidersfiguur staat daar boven.

Bij wet regelen

De Arbowet zegt dat elke werkgever verplicht is om psychosociale arbeidsbelasting zoveel mogelijk te voorkomen en te beperken. Maak ongewenst gedrag bespreekbaar, spreek elkaar ook aan als iemand zich ongepast gedraagt en zorg dat iedereen de onafhankelijke vertrouwenspersoon kan bellen en/of mailen. Maar dat gebeurt dus veel te weinig. Binnenkort bespreekt de Tweede Kamer het initiatiefwetsvoorstel dat werkgevers verplicht medewerkers toegang te geven tot een vertrouwenspersoon wanneer zij worden geconfronteerd ongewenste omgangsvormen op het werk. Ja, ze kunnen heel dicht bij huis beginnen. Helaas ontbreken in het voorstel kwaliteitswaarborgen en criteria. Zo schrijven advocaat Mirjam Decoz en bedrijfskundige Alie Kuiper in een open brief in De Volkskrant. Beiden zijn gespecialiseerd in de aanpak van intimidatie en andere ongewenste omgangsvormen. Ook zij benadrukken dat het huidige wetsvoorstel aanvulling behoeft, gericht op criteria voor de onafhankelijkheid en deskundigheid van vertrouwenspersonen.

Wat lang ligt gaat rotten

Aan de ene kant is gedegen en afgewogen onderzoek naar situaties van ongewenst gedrag onontbeerlijk. Aan de andere kant moet dit niet te lang duren, zo liet De Tweede Kamer zelf afgelopen week zien. De klachten aan het adres van Arib dateren van een paar jaar geleden en zijzelf was niet op de hoogte van het ingestelde onderzoek. Lekken naar de pers is alleen OK als alle andere methodes niet gelukt zijn. Er zijn 5 interne vertrouwenspersonen ongewenste omgangsvormen voor de kamerleden. Daarnaast is het sinds 2019 ook mogelijk om contact op te nemen met een externe vertrouwenspersoon naar keuze. Dat lijkt bij onze volksvertegenwoordigers ook al niet te werken.

Waarheidsvinding

Voor een werknemer die gepest, geïntimideerd of aangerand is, is het cruciaal om zeker te weten dat de vertrouwenspersoon geen banden heeft met (mensen uit) de werkomgeving. Anders wordt de stap tot melding niet gemaakt, omdat ze (soms al uit ervaring) weten dat ze toch niet worden geloofd.  Andersom is het net zo cruciaal voor iemand die van dergelijke zaken beschuldigd wordt, te weten iemand voor zich te krijgen die niet reeds beïnvloed is. Alleen zo kan aan waarheidsvinding gedaan worden en kunnen er maatregelen worden getroffen, zodat overschrijdend gedrag in de werkomgeving wordt terug gedrongen.